Verslag Symposium Roravolere
SYMPOSIUM RORAVOLERE, 15 november 2006 in de Laurenskerk in Rotterdam
'Integratie uit de gratie
Rotterdam, cultuur van verbondenheid'
Circa honderdtwintig belangstellenden verzamelen zich rond 17.00 uur in Rotterdams grootste en meest sfeervolle kerk, de Laurens. Velen kennen elkaar. Amar El-ajjouri, de Marokkaans-Nederlandse cabarettier mengt zich tussen de gasten. Dan doet hij een act als eerstegeneratie gastarbeider, en brengt met zwier de stemming er in.
Dagvoorzitter Taco Noorman heet iedereen welkom op het feestelijke symposium ter gelegenheid van het eerste lustrum. Hij geeft een overzicht van alle hoogtepunten uit de eerste vijf jaar:
- vele studiebijeenkomsten
- deelname aan alle Rotterdamse evenementen op spiritueel terrein
- solidariteitsbetuiging met islamitische groeperingen tijdens de politieke opwinding in 2003 en 2004
- contacten met gemeentebestuur en politieke partijen.
Na deze terugblik kondigt hij het programma aan.
Wethouder Dominic Schrijer houdt de openingstoepsraak. Hij herinnert eraan dat sinds het referendum over het deelgemeentebestel de openbare discussie is losgebarsten. Die heeft zich vaak gefocust op religie en etniciteit als invloedrijke factoren in de samenleving. Tegen die achtergrond ontstond RORAVOLERE.
Naar zijn overtuiging zullen alleen als religieuze en levensbeschouwelijke partijen een echte dialoog aangaan, zich nieuwe perspectieven zullen openen. Zo'n dialoog veronderstelt respect, bereidheid zich in elkaars visie te verdiepen, en inclusiviteit van alle relevante partijen. Dat is wat anders dan debat, waarin alleen monologen worden afgestoken en het enige doel is: winnen.
Schrijer verwijst naar de grote ervaring van de V.S. met integratie van nieuwkomers. Sinds lang onderscheidt men drie fasen: segregatie, conflict en accommodatie. Die worden geassocieerd met eerste, tweede en derde generatie. Integratie speelt zich af in gezinnen, het onderwijs, op de arbeidsmarkt en in het staatburgerschap. Daarbij zijn altijd religieuze waarden aan de orde.
Schrijer zegt toe te bevorderen dat het gemeentebestuur op een vrijdagmorgen het gesprek met RORAVOLERE over deze aspecten voortzet.
Er zijn drie inleiders. De eerste is emeritus professor Anton Zijderveld, socioloog. Hij presenteert zichzelf als mislukte theoloog en agnost. Gepromoveerd in de filosofie.
Om te beginnen benadrukt hij dat multiculturaliteit in Nederland een feit is, even onvermijdelijk als de zwaartekracht. Multiculturalisme is wat anders, een ideologie. De leer dat integratie niet hoeft. Die gedachte komt voort uit negatieve tolerantie of onverschilligheid. Minister Rita Verdonk wil assimilatie: immigranten zouden niets mogen overhouden van de meegebrachte normen en waarden. Dat verwerpt hij. Met 'accommodatie' kan hij ook niet uit de voeten.
Tegen de Amerikaanse samenleving heeft hij veel bezwaren, maar de integratie van nieuwkomers verloopt er meestal prima. Iedereen raakt op den duur geïntegreerd in de economie en als staatburger. Maar trots op de herkomst wordt nooit ontmoedigd. Standaard is de verbinding tussen 'roots' en Amerikaans patriottisme. Zoals tot uiting komt in aanduidingen als Afro-Americans, Jewish-Americans, Dutch-Americans e.d. - 'hyphenated Americans'. Waarom spreken we niet voortaan over Marokkaans-nederlanders en Turks-nederlanders?
Vaak indentificeren migranten zich eerder met de stad waar ze wonen dan met het land. Met name voor Rotterdam acht Zijderveld het wenselijk dat die stad meer 'smoel' krijgt. Dan voelt men zich er meer thuis, en gedraagt men zich verantwoordelijk in de publiek ruimte.
Het Antilliaanse Zomerfestival is een mooi voorbeeld van trouw aan de roots in ee nieuwe omgeving. Turks- en Marok¬kaans¬-rotterdammers treden als zodanig nog weinig in de open¬baarheid. Het is de gezamenlijke opgave om multicultureel inhoud te geven aan de Rotterdamse stadscultuur.
De tweede spreker is Katinka Broos, predikant oudewijkenpastoraat. Zij is afkomstig van het Groningse platteland, en heeft zojuist ontdekt dat ze zich als Gronings-Rotterdamse zou moeten zien. Op kleine schaal heeft ze ervaren wat migreren betekent.
Van haar ervaringen in het Oude Noorden en Oude Westen heeft ze geleerd dat integratie vooral te maken heeft met de geleefde werkelijkheid. Auto- en allochtone moeten elkaar leren kennen 'op ooghoogte'. Dat gaat het beste aan de hand van gemeenschappelijke belangen. Zo kunnen vaders en moeders elkaar vinden over een zebrapad bij de school.
Dominee Broos heeft ontdekt dat haar onuitgesproken oordeel over migranten ook cultureel bepaald is. Dat een kind van acht past op eentje van vijf terwijl de Chinese moeder werkt, is iets wat ze heeft leren respecteren. Interculturele dialoog vereist grote openheid en bereidheid eigen vanzelfsprekendheden ter discussie te stellen.
Onderop bestaat er een intense behoefte om samen humaan te leven. In de religieuze gemeenschappen wordt dat helder gezien. Integratie moet niet worden opgelegd van bovenaf, maar opgebouwd vanaf beneden.
Derde spreker is Ibrahim Spalburg, directeur Stichting Platform Islamitische Organisaties Rijnmond - SPIOR. Afkomstig uit Suriname, maar al van kindsbeen af in Nederland, is Spalburg is ook imam, in Ridderkerk. Studeerde theologie in Mekka. Al twintig/dertig jaar betrokken bij de uiteenlopende moslimgroeperingen in Rotterdam.
De laatste jaren ie er veel strijd in de Rotterdamse samenleving geweest over de positie van de moslims. Veel moslims voelen zich er slecht geaccepteerd, zowel als groep als individueel. De negatieve beeldvorming is vooral afkomstig uit het buitenland, en wordt veroorzaakt door geradicaliseerde moslims. Het ligt voor de hand dat de moslims steun zoeken bij andere religieuze groeperingen. In wisselende mate vinden ze daar solidariteit.
De Nederlandse politiek bevordert integratie in de vorm van participatie. Met name economisch en politiek. Maar nog steeds beheersen veel moslims het Nederlands onvoldoende om op voet van gelijkheid te functioneren, met name op wijkniveau. Dan wordt er niet genoeg naar hen geluisterd.
De negatieve beeldvorming komt ook voort uit misstanden hier, zoals gedwongen huwelijken. Daar werkt SPIOR hard aan.
De Moslimgemeenschap in Rotterdam, en elders, is zeer verdeeld. In de eerste plaats langs etnisch-culturele lijnen, maar ook naar 'richtingen'. Dat bemoeilijkt de integratie. Toch zijn vrijwel alle moslims zich bewust dat dit hun nieuwe thuisland is. Er is nog een lange weg te gaan voor wij als Moslim-Rotterdammers ons geheel geaccepteerd voelen. Maar wij gaan door, en willen samen bouwen aan een betere stad om in te leven.
In de pauze wordt er bij de vegetarische broodjes volop gediscussieerd. Voor het vaderland weg. In de tien workshops daarna houden gespreksleiders de deelnemers bij de les. Maar losjes. Als het maar gaat over het thema.
Taco Noorman gaat alle gespreksgroepen lang en inventariseert
- impressiegewijs - vragen en opmerkingen. Daarmee brengt hij vervolgens de paneldiscussie op gang.
Op een vraag aan Spalburg hoe hij heeft leren omgaan met al die verschillende groepen moslims, antwoordt hij dat het een kwestie is van vertrouwen winnen. Daar is soms veel tijd voor nodig. Van belang is of de moslims hier afkomstig zijn uit een land waar ze gewend waren aan andersdenkenden, dan wel uit een land waar 'hun' islam dominant was. Het was een grote verdienste van dDe profeet dat hij de eeuwig ruziënde Arabische stammen één lijn wist te krijgen.
Katinka Broos ziet vele parallellen tussen de Islamitische en de Christelijke gemeenschap. Ook de uiteenlopende migrantenkerken moeten de interreligieuze dialoog voeren. Zoals je kunt spreken van 'wij' christenen, zo zijn ook de moslims wel degelijk een gemeenschap. Daar is ook een naam voor: de Umma.
De verscheidenheid is zwakte én kracht. De eenheid is altijd nog in ontwikkeling.
Spalburg acht het integratiemodel van de V.S. maar beperkt toepasbaar. De USA heeft een andere geschiedenis. Dat model gaat eerder op voor Suriname, waar ook alle groepen zijn binnengekomen, behalve de - zeer weinige - indianen. Hier zijn alle migrantengroeperingn erg klein in verhouding tot de autochtonen. Bovendien behoren ze tot de economisch zwaksten.
Zijderveld bepleit niettemin dat Nederlanders zich identificeren met de achtergronden van hun ouders en grootouders. Patriottisme is heel wat anders dan nationalisme. Voor dat laatste hebben we de afgelopen eeuw veel te veel leergeld betaald. Maar trots op afkomst is onmisbaar.
Wat mag je verwachten van de overheid op dit vlak? Alleen dat die etnische en religieuze groepsvorming toestaat of mogelijk maakt? Of moet de politiek ook steeds weer het
straatniveau opzoeken, en voeling hebben met wat er 'op ooghoogte' zich afspeelt. Discussies over normen en waarden zijn te abstract.
Ook de pers moet meer oog hebben voor wat niet spectaculair is of omstreden. Onlangs heeft SPIOR met een aantal moskeeën een Idul Fitr georganiseerd in een grote tent, waar vijfhonderd wijkbewoners op afkwamen. Voor deze inzet om verhoudingen te verbeteren had de pers geen enkel belangstelling. Spalburg wordt er weleens erg moe van.
Iedere keer weer worden de Moslims in de verdachtenbank geplaatst. Met name Leefbaar Rotterdam gaat af en toe volkomen over de schreef. Is zo'n partij niet vervolgbaar? Van Zijderveld raadt het af. Dat geeft alleen maar meer publiciteit voor LR. Spalburg vertelt dat de Moslims anderzijds soms ook heel goed uit de verf komen, bijvoorbeeld op TV Rijnmond.
Om kwart voor tien sluit Frans Ootjers, voorzitter van RORAVOLERE het symposium af. Maar niet dan nadat hij de John Brobbel, Hanny de Kruijf en Henk Roosenboom, die erg veel werk hebben verzet voor dit evenement, in de bloemetjes heeft gezet.
Gerard Burger
geplaatst door webmaster roravolere op 12 Dec 20:58, gewijzigd op: 18 Jan 11:02

home
29 mei: Expertmeeting over Islamofobie
Verslag Symposium Roravolere